Home › De techniek

De techniek

Wat is samenvatten?

Begrijpend lezen – oefenboekjes van Toetstrainer Nederland

Samenvatten is het terugbrengen van een tekst tot de kern: je bewaart de belangrijkste informatie en laat de rest weg. Een goede samenvatting voldoet aan drie eisen: hij is kort, hij klopt met de tekst en hij staat in je eigen woorden.

De vijf stappen

Lees de tekst eerst helemaal

Begin niet meteen met onderstrepen. Lees rustig door, zodat je het onderwerp en de grote lijn te pakken krijgt. Pas daarna ga je gericht aan de slag.

Zoek het onderwerp en de hoofdgedachte

Het onderwerp is waar de tekst over gaat (één woord of korte groep). De hoofdgedachte is wat de schrijver daar als belangrijkste over zegt — vaak in één zin samen te vatten.

Streep hoofd- en bijzaken aan

Zoek per alinea de kernzin. Voorbeelden, uitleg en herhalingen zijn meestal bijzaken die je weglaat. Wat overblijft, vormt het geraamte van je samenvatting.

Let op de tekstverbanden

Signaalwoorden verraden het tekstverband: doordat wijst op een oorzaak, maar op een tegenstelling, ten eerste op een opsomming. Die verbanden bepalen wat echt belangrijk is.

Schrijf in je eigen woorden

Zet de hoofdzaken in korte, eigen zinnen. Lees daarna na: klopt het met de tekst, en is het écht korter? Knip wat nog overbodig is.

Onthoud: overschrijven is geen samenvatten. Zodra je een hele zin letterlijk overneemt, controleer dan of je hem ook in je eigen woorden kunt zeggen. Lukt dat niet, dan heb je hem nog niet begrepen.

De drie bouwstenen

Achter elke samenvatting zitten dezelfde drie ideeën. Wie deze beheerst, kan elke tekst aan:

1. Het tekstdoel. Wil de schrijver informeren, overtuigen of iets uitleggen? Het tekstdoel bepaalt waar de kern zit. In een betoog is dat het standpunt; in een informatieve tekst de belangrijkste feiten.

2. De tekstsoort en structuur. Een nieuwsbericht is anders opgebouwd dan een handleiding. Wie de tekstsoort en tekststructuur herkent, weet sneller waar de hoofdzaken staan.

3. De verbanden en verwijzingen. Signaalwoorden en verwijswoorden houden een tekst bij elkaar. Ze laten zien welke zin de hoofdzaak is en welke alleen ondersteunt.